Startbijeenkomst Toptechniek in bedrijf Zeeuws-Vlaanderen

De vier Zeeuwse scholen voor Voortgezet Onderwijs in Zeeuws-Vlaanderen en Scalda (voorheen ROC Zeeland/ROC Westerschelde) zijn samen met het bedrijfsleven en de lokale overheden tot de conclusie gekomen dat er voor techniek een doemscenario is ontstaan. Het aantal deelnemers vmbo techniek is bijvoorbeeld sinds 2005 met 15% afgenomen, techniekopleidingen zijn moeilijk nog in de lucht te houden. Terwijl het bedrijfsleven in Zeeland juist grote behoefte heeft aan deze leerlingen.

Op 6 februari jongstleden kwamen de stakeholders bijeen om de voortgang te bespreken van maar liefst 7 actielijnen, allen geënt op ambitieuze maar realistische doelstellingen. Aanwezig waren de voorzitters van de vmbo scholen, Scalda, MKB Zeeland en Elektro 21, Metaalunie, Brabants-Zeeuwse werkgevers, de wethouder van de gemeente Terneuzen en het Technocentrum Zeeland. Zij hebben de gezamenlijke doelstelling om de uitval van techniekleerlingen naar 5% te brengen, de instroom in absolute aantallen op peil te houden (ondanks de bevolkskrimp), en de deelname van meisjes aan techniek fors te verhogen. Dit gebeurt door bijvoorbeeld een integraal techniekpromotieprogramma te ontwikkelen, waarin versnippering van activiteiten wordt tegengegaan. Ook wordt met scholen en bedrijven een gezamenlijke techniekinfrastructuur ontwikkeld, en worden concrete technologie- en vakmanschapsroutes ontwikkeld.

 

Tijdens de bijeenkomst hebben Piet Boekhoud en Arne Mast (experts van Toptechniek in bedrijf) feedback gegeven op de plannen. Hun conclusie was dat Zeeland in volle vaart is met de verwezenlijking van de gestelde ambities om een toekomstbestendig vmbo en mbo te bereiken. Gesproken is over het belang en de wijze van het betrekken van de bedrijvenwereld bij LOB, het creëren van arbeidsidentiteit in de opleiding, en de samenhang tussen de diverse promotieactiviteiten door scholen én branches in de regio. Benadrukt daarbij is dat het in het vmbo gaat om het aantrekkelijk maken van techniek over de gehele linie in plaats van specifiek gericht op één branche. Dit vereist dat alle partijen de handen in elkaar slaan en de diverse activiteiten verknopen.