Agenda is aangescherpt in West-Brabant

Op 25 juni jl. heeft Toptechniek in Bedrijf West-Brabant met 35 vertegenwoordigers van vmbo, mbo en bedrijven de Agenda Toptechniek in Bedrijf 2016-2018 kunnen aanscherpen. Doorstroom en ketensamenwerking in de regio staan door Toptechniek in Bedrijf nadrukkelijker op de agenda voor de 3O samenwerking in West-Brabant binnen het platform Tune Techniek.

 

Met de Agenda Toptechniek in Bedrijf 2016-2018 wordt extra aandacht gevraagd voor actuele ontwikkelingen in het vmbo onderwijs zoals vernieuwing van de examenprogramma’s, ontgroening in de regio en de aansluiting van mavo/vmbo met het mbo en bedrijfsleven in de regio West-Brabant.

 

Doel van de agenda is om een grondslag te hebben om gezamenlijk te kunnen blijven investeren in kansrijke initiatieven van vmbo en mbo in de regio om op deze manier de opbrengsten van Toptechniek in bedrijf te verbreden, te verdiepen en te verduurzamen. Gezamenlijk optrekken, netwerkbijeenkomsten en gebruik maken van elkaars netwerk vormen inmiddels een meerwaarde voor de verdere ontwikkeling en uitwerking van de onderwijsprogramma’s en de samenwerking in de regio. Projectleiders doen nieuwe ideeën op en krijgen kritische feedback op het eigen project. Dit houdt hen scherp.

 

Stakeholders in de regio hebben baat bij het verbreden van de best practices van Toptechniek in bedrijf waarmee uitval voorkomen wordt. Immers veel voortijdige schoolverlaters belemmeren duurzame regionale groei. Daarnaast heeft de regio baat bij de doorstroom van leerlingen naar mbo niveau 4 opleidingen.

 

De samenwerking in West-Brabant richt zich op het ontwikkelen van doorlopende LOOPBAAN leerlijnen voor leerlingen in de leerroute vmbo-mbo(-hbo). Daarmee willen de samenwerkingspartners bereiken dat er samengewerkt wordt aan het voorkomen van uitval in de overgangen tussen onderwijstype en het switchen naar een andere (niet-technische) opleidingsrichting.

 

Gebleken is dat investeringen van het mbo in maatwerk per vmbo school hoog zijn en langdurig (langer dan drie jaar). Het mbo-onderwijs heeft in de regio met drie vo-samenwerkingsverbanden en een veelvoud aan vmbo-scholen te maken. Voor een betere doelmatigheid van de investeringen is het nodig dat er gewerkt wordt aan uitbreiding van het aantal partners in ontwikkelfasen van doorlopende leerlijnen en het stimuleren om aanpakken te hergebruiken.

 

De samenwerking met het bedrijfsleven en lokale overheden is op dit moment nog onvoldoende van de grond gekomen binnen het TiB netwerk. Een aantal regionale ontwikkelingen zijn nog onvoldoende een gedeeld belang. Zo staat macro doelmatigheid van het vmbo onderwijs niet expliciet op de strategische agenda’s in de regio. Het onaantrekkelijke arbeidsmarktperspectief voor leerlingen in de basisberoepsgerichte leerwegen is geen gedeeld belang.

 

Technologieroute 

De samenwerking tussen mavo (Beta Challenge Programma) en het mbo in West-Brabant verloopt op dit moment goed. De Onderwijs & Innovatie afdeling van Radius en Markiezaat zijn nauw betrokken bij het ontwikkelen van het examenprogramma voor VMBO T&T en docenten ontmoeten elkaar. De samenwerking tussen Mavo met het bedrijfsleven verloopt vooral via de fondsen zoals OTIB.  De Bèta Challenge scholen in West-Brabant investeren in netwerkbeheer door docenten en laten leerlingen een stagebureau runnen.

 

Voor de verdere ontwikkeling van Beta Challenge in de regio West-Brabant zijn langdurige samenwerkingsovereenkomsten met branches en individuele bedrijven nodig. Leerlingen moeten ervaringen met de praktijk in zeven Beta werelden kunnen opdoen en docenten moeten zich verder kunnen ontwikkelen op het gebied van loopbaan leren samen met bedrijven.

 

Vakmanschapsroute 

vmbo-scholen ontmoetten elkaar en wisselen ervaringen uit over de aanpak van de school van het doorvoeren van vernieuwingen. De variatie aan keuzedelen wordt groter. Er ontstaan meer verschillen tussen leerlingen bij binnenkomst. De vmbo scholen gaan hiermee verschillende om. Dit heeft te maken met het aantal leerlingen en de (visie op) samenwerking met mbo en het bedrijfsleven. Het Munnikenheide college bijvoorbeeld kiest voor Techniekbreed en zet in op faciliteren van ervaren en reflecteren door keuzebegeleiders en het ontwikkelen  van een keuzematrix. Voor de nieuwe keuzedelen (Design en Transport) zoeken de vmbo scholen samenwerking met bedrijven. Bedrijven kunnen helpen om de docenten op te leiden voor deze nieuwe domeinen en reflecteren op de onderwijsinhoud voor de nieuwe keuzedelen in de bovenbouw. De samenwerking met bedrijven is bovendien nodig voor het kunnen uitvoeren van lintstages.

 

Onderwijshuisvesting en logistiek komt nadrukkelijker op de agenda in West-Brabant. Niet alle sectoren worden nog op alle vmbo locaties in de regio aangeboden. Nieuwe mogelijkheden van samenwerken onderzoeken is nodig. Daarbij gaat het om gebruik maken van faciliteiten op MBO locaties en regionaal roosteren. Ook kan MBO helpen met de uitstraling van vmbo techniek onderwijs.

 

De Agenda (samenvatting) 

Agendapunt 1: Verbreden opbrengsten doorlopende leerlijnen

Vmbo scholen moeten meer in de lead willen komen om doorlopende LOOBAANleerlijnen mee te ontwikkelen en te organiseren. De komende periode wordt invulling gegeven aan de concretisering van de keuzes voor partnerships vmbo-mbo.

 

Agendapunt 2: Verdiepen doorlopende LOOPBAAN leerlijnen 

Het toekomstbeeld is geïntegreerde LOB in alle TiB projecten. Het verdiepen van de doorlopende LOOPBAANleerlijnen in alle TiB projecten sluit aan bij het beleid van ROC West-Brabant voor loopbaanleren. Continuering van de samenwerking tussen vmbo-mbo docenten en professionalisering van docenten is cruciaal. De mate waarin decanen, mentoren en vakdocenten bewust onbekwaam zijn in loopbaangerichte reflectievaardigheden is wisselend.

 

Agendapunt 3: Stakeholders mobiliseren t.b.v. verduurzamen van partnerships

Agendapunt 3 richt zich ten eerste op het regionaal verkennen van nieuwe mogelijkheden voor onderwijshuisvesting en –logistiek en uitwisselen van docenten en praktijkbegeleiders. Ten tweede

op het betrekken van stakeholders bij het creëren van loopbaanperspectief voor leerlingen (in m.n. beroepsgerichte leerwegen) en de invoering van de nieuwe keuzedelen voor Transport en Interieur/Design. De betrokkenheid van bedrijven is een basisvoorwaarde om de ingezette onderwijsvernieuwingen (projectonderwijs, vakintegratie, geintegreerde LOB) binnen de mavo en vmbo TL/GL te kunnen organiseren.